Expertise
Investments

Pensioenbeleggen vs. Pensioensparen: Wat past bij jou?

Tobias van Casteren
March 28, 2025
7
 min

Pensioenbeleggen vs. Pensioensparen: Wat past bij jou?

Veel jonge beleggers en werkenden vragen zich af hoe ze het beste kunnen sparen voor later: kies je voor pensioenbeleggen of pensioensparen? Beide zijn manieren om zelf een aanvullend pensioen op te bouwen met belastingvoordeel, maar er zijn belangrijke verschillen in risico en opbrengst. In deze blog leggen we op een luchtige en begrijpelijke manier uit wat beide inhouden en helpen we je de juiste keuze te maken. We vergelijken ze op definitie, overeenkomsten, verschillen, risico’s, potentiële rendementen, voor- en nadelen. Tot slot geven we enkele praktische tips.

Wat is pensioenbeleggen?

Pensioenbeleggen is simpel gezegd beleggen voor je pensioen op een speciale geblokkeerde rekening​. Je stort periodiek of eenmalig geld op deze rekening en dat geld wordt belegd (vaak in indexfondsen of mixfondsen) om zo op lange termijn te groeien. Je mag het geld pas opnemen zodra je de pensioenleeftijd (AOW-leeftijd) bereikt – eerder kan in principe niet zonder fiscale gevolgen. Tijdens de opbouwfase profiteer je van belastingvoordelen: de inleg is (binnen je jaarruimte) aftrekbaar van de inkomstenbelasting en over het opgebouwde vermogen betaal je geen vermogensrendementsheffing​. Pensioenbeleggen kan daarmee aantrekkelijk zijn om je pensioenpotje extra aan te vullen, zeker voor jonge mensen met een lange beleggingshorizon die bereid zijn wat risico te nemen voor potentieel hoger rendement​

Wat is pensioensparen?

Pensioensparen (ook wel banksparen voor pensioen genoemd) is een vorm van sparen voor later op een speciale pensioen-spaarrekening​. In plaats van beleggen wordt je geld op een spaarrekening gezet, vaak met een vaste of variabele rente. Ook dit geld staat vast tot je pensioendatum (meestal mag je het pas opnemen vanaf je AOW-leeftijd). Net als bij pensioenbeleggen krijg je hierbij een belastingvoordeel: stortingen zijn aftrekbaar (binnen je jaarruimte) en het saldo valt buiten de vermogensbelasting​. Pensioensparen wordt gezien als een relatief veilige manier om vermogen op te bouwen voor later, omdat je niet blootstaat aan beursschommelingen. Je weet min of meer hoeveel vermogen je opbouwt, afhankelijk van de rente, en loopt weinig risico vergeleken met beleggen​. Het keerzijde is dat het verwachte rendement meestal lager ligt dan bij beleggen, vooral in tijden van lage rente.

Overeenkomsten

Beide opties lijken in opzet op elkaar en dienen hetzelfde doel: je bouwt zelf een extra pensioenpotje op (de zogenoemde derde pijler van het Nederlandse pensioenstelsel). Enkele belangrijke overeenkomsten:

  • Belastingvoordeel: Zowel pensioensparen als -beleggen gebeuren op een geblokkeerde lijfrenterekening, waardoor je inleg (binnen je jaar-/reserveringsruimte) aftrekbaar is en het vermogen vrijgesteld is van vermogensrendementsheffing​. Dit kan je honderden tot duizenden euro’s voordeel opleveren ten opzichte van sparen buiten deze regeling.
  • Geblokkeerde pensioenrekening: In beide gevallen staat je geld vast tot (minimaal) je AOW-leeftijd. Je kunt het tegoed niet tussentijds opnemen zonder fiscale boete (afkoopsom) en het betalen van gemiste belasting. Dat vereist dus dat je dit geld echt kunt missen tot je pensioen.
  • Aanvullend pensioen: Beide producten zijn bedoeld om een eventueel pensioentekort aan te vullen. Ze zijn interessant als je een pensioengat hebt (bijvoorbeeld als je zelfstandige bent of geen volledig pensioen opbouwt via je werkgever)​. Heb je geen pensioentekort (en dus geen jaarruimte), dan kun je deze routes niet of nauwelijks benutten.
  • Uitkeringsfase: Uiteindelijk moet het opgebouwde kapitaal bij pensionering gebruikt worden voor een lijfrente-uitkering (een periodieke uitkering als aanvulling op AOW en eventueel werkgeverspensioen). Dit geldt zowel voor kapitaal uit pensioensparen als -beleggen; de fiscale regels daaromheen zijn gelijk.

Verschillen

Ondanks de overeenkomsten zijn er duidelijke verschillen tussen pensioenbeleggen en pensioensparen. De belangrijkste hebben te maken met risico en rendement:

  • Risico & Garantie: Bij pensioenbeleggen loop je beleggingsrisico. De waarde van je beleggingen kan fluctueren; er is geen garantie dat je inleg groeit – je kunt zelfs (tijdelijk) verlies lijden​. Pensioensparen daarentegen biedt veel meer zekerheid: je krijgt een vooraf bekende of variabele rente op je spaartegoed, en je inleg zelf blijft in tact. Je weet dus min of meer waar je op uitkomt, afgezien van renteveranderingen. Er is depositogarantie: je spaargeld valt (per bank) onder het depositogarantiestelsel tot €100.000, dus zelfs als de bank omvalt is je saldo tot dat bedrag veilig​. Bij beleggingen is er geen depositogarantie, al zijn beleggers tegoeden juridisch gezien vaak afgeschermd mocht een broker of bank failliet gaan.
  • (Verwacht) Rendement: Historisch gezien is het verwachte rendement bij pensioenbeleggen hoger dan bij pensioensparen​. Beleggen in een wereldwijde gespreide portefeuille kan op lange termijn een gemiddeld rendement van pakweg 4-8% per jaar opleveren (afhankelijk van je risicoprofiel), terwijl sparen lange tijd 0-2% per jaar opleverde. Bij pensioensparen is je rendement namelijk afhankelijk van de spaarrente, die doorgaans lager is dan rendementen op de beurs. Kortom: beleggen = kans op hoger rendement, sparen = zekerheid van lager (maar stabiel) rendement​.
  • Kosten: Pensioensparen is qua kosten vaak eenvoudig: veel aanbieders vragen eenmalig een openingsfee (bijv. ~€40) en verder geen lopende kosten voor de spaarrekening. Bij pensioenbeleggen betaal je doorgaans jaarlijkse kosten (servicekosten en fondskosten) over je beleggingen. Deze kosten drukken iets op je netto rendement. Let op: kosten kunnen per aanbieder verschillen (bijv. Brand New Day ~0,5% per jaar, Centraal Beheer ~0,3% per jaar, BrightPensioen werkt met vaste lidmaatschapskosten, etc.). Het loont om tarieven te vergelijken.
  • Flexibiliteit in invulling: Bij pensioensparen kun je vaak kiezen tussen variabele rente (rente die kan wijzigen) of deposito’s met een vaste rente voor X jaar. Je bepaalt ook zelf hoeveel en wanneer je stort (binnen de fiscale ruimte). Bij pensioenbeleggen kies je een beleggingsprofiel (van defensief tot offensief), of de aanbieder past dit automatisch aan via een lifecycle (jong = offensief, richting pensionering defensiever). Je hebt dus iets meer beleggingskeuzes. Sommige mensen combineren zelfs beide: een deel sparen, een deel beleggen, om risico te spreiden.

Risico’s

Geen enkel financieel product is zonder risico. Dit zijn de risico’s waar je op moet letten bij pensioenbeleggen en pensioensparen:

  • Risico bij pensioenbeleggen: Beleggen kent het bekende markt- en koersrisico. De waarde van je pensioenbeleggingen kan sterk schommelen op korte termijn. Een beurscrash vlak voor je pensioen kan de waarde van je pot tijdelijk drukken. In 2022 bijvoorbeeld verloren offensieve pensioenportefeuilles rond 15% in waarde​. Gelukkig hebben jongeren de tijd om zo’n dip weer goed te maken, maar het blijft een risico. Over langere periodes trekken beleggingen historisch wel weer bij – zie de flinke plus in 2019, 2020 en 2021​ – maar er is geen garantie. Je moet het mentaal aankunnen dat jouw saldo op papier kan dalen. Daarnaast: bij verkeerd beleggen (bv. alles op één aandeel) loop je enorm risico; daarom beleggen pensioenaanbieders altijd gespreid in indexfondsen. Tot slot heb je bij beleggen inflatiebescherming: aandelen en andere assets bewegen mee met inflatie op lange termijn, wat positief is, maar dit gaat gepaard met volatiliteit onderweg.
  • Risico bij pensioensparen: Pensioensparen heeft weinig beleggingsrisico – je krijgt immers rente. Toch zijn er andere risico’s. Een belangrijke is inflatie/renterisico: als de spaarrente lager is dan de inflatie, verliest je geld koopkracht. Jarenlang was de rente praktisch 0%, terwijl de prijzen stegen; je vermogen groeide toen niet reëel. Momenteel is de rente weer wat hoger, maar die kan in de toekomst weer dalen of minder hard stijgen dan de inflatie. Kies je voor variabele rente, dan kan de aanbieder deze elk moment aanpassen. Kies je voor een lang vast deposito, dan loop je het risico dat de rente in de markt stijgt terwijl jij vastzit tegen een lagere rente (of andersom, dat kan natuurlijk ook positief uitpakken). Verder geldt ook hier dat je geld vast staat: als je toch tussentijds bij je pensioenspaarpot wilt, betaal je een forse fiscale boete en wordt het als inkomen belast. Tenslotte is je spaargeld tot €100.000 gegarandeerd bij een bank, maar heb je meer pensioenvermogen en staat dat toevallig bij één bank, dan is het bedrag daarboven bij faillissement niet gedekt – al is dit scenario zeer onwaarschijnlijk en kun je desnoods spreiden over meerdere banken.

Potentiële rendementen

Wat kun je nu concreet verwachten aan rendement? We kijken eerst naar de huidige rentestanden voor pensioenspaarrekeningen, en daarna naar historische beleggingsrendementen bij pensioenbeleggen.

  • Rentestanden pensioensparen (Nederland): Door de gestegen rentetarieven in 2023-2024 vergoedt pensioensparen weer een redelijk rentepercentage. Momenteel (begin 2025) bieden online banken en verzekeraars ongeveer de volgende rentes: een variabele rente rond de 1,8 – 2,0% per jaar, en vaste deposito-rentes van ~2,3% tot 2,8% afhankelijk van de looptijd. Zo geeft Knab Pensioensparen op dit moment 1,90% variabel en tot 2,35% vast. Brand New Day biedt 1,80% variabele rente (per 24-2-2025) en bijvoorbeeld 2,40% vast voor 1-3 jaar, oplopend tot 2,50% vast voor deposito’s van 10+ jaar​. Ook grote banken doen mee: Rabobank’s Rabo ToekomstSparen kent bij lange looptijden rentes van 2,65%–2,80% per jaar​. Deze rentes kunnen uiteraard veranderen met de markt en zijn historisch gezien nog steeds relatief laag (maar aanzienlijk beter dan de ~0% van een paar jaar geleden).
  • Gemiddelde rendementen pensioenbeleggen: Het rendement bij pensioenbeleggen hangt af van je beleggingsprofiel (hoeveel % aandelen vs obligaties). Over de afgelopen ~5-10 jaar hebben veel pensioenbeleggers mooie resultaten behaald, maar met uitschieters naar boven én beneden. Enkele indicatieve cijfers: bij Brand New Day, dat standaard in indexfondsen belegt, behaalde een zeer offensief profiel gemiddeld ca. 8,6% rendement per jaar, offensief ~6,8%, neutraal ~5,3%, defensief ~3,7%, en zeer defensief ~2,1% per jaar (gemeten over 2010 t/m 2024)​. We zien hier het effect van meer aandelen (= hoger gemiddeld rendement, maar ook grotere schommelingen). Ter illustratie: 2022 was een slecht beursjaar met ongeveer –15% voor vrijwel alle profielen, terwijl 2023 een sterk herstel liet zien (+11% voor neutraal, zelfs +17-18% voor offensief)​. Een aanbieder als BrightPensioen (met een neutraal profiel fonds) behaalde gemiddeld ~6% per jaar over de afgelopen 9 jaar​. Grote pensioenfondsen (zoals ABP) zaten de afgelopen decennia rond ~6% per jaar​.

Conclusie: op lange termijn kunnen beleggingen zo’n 4-8% per jaar opleveren afhankelijk van je risico, maar er zit geen garantie op – het kunnen ook een paar magere of negatieve jaren voorkomen. Sparen geeft nu ~2% per jaar met zekerheid. Dit verschil in potentieel rendement is precies de trade-off tussen pensioenbeleggen en -sparen.

{potentiele afbeelding hier}

Afbeelding: Illustratie van groeiend pensioenkapitaal bij beleggen. Beleggen kan op lange termijn een hoger rendement opleveren dan sparen, zij het met meer volatiliteit.

Voor- en nadelen

Tot slot zetten we de voor- en nadelen van beide opties op een rij. Wat zijn de pluspunten en minpunten van pensioenbeleggen versus pensioensparen?

Pensioenbeleggen – Voordelen:

  • Hoger verwacht rendement: Zoals gezegd is de kans op een hoger rendement op lange termijn groter. Historisch hebben beleggingen over 10+ jaar vrijwel altijd meer opgeleverd dan sparen​. Je vermogen kan dus harder groeien.
  • Bescherming tegen lage rente/inflatie: Je bent niet afhankelijk van de bankrente. Bij inflatie en economische groei stijgen winsten en dividend van bedrijven vaak mee, wat in de koers tot uiting komt. Zo behoudt je pensioenpot in potentie beter zijn koopkracht.
  • Fiscale voordelen: Net als bij pensioensparen krijg je belastingaftrek over je inleg en betaal je geen vermogensrendementsheffing tijdens de rit​. Dit voordeel is bij beide gelijk, maar het weegt extra mee als je een hoog rendement behaalt (de groei is dan onbelast).
  • Flexibiliteit in beleggingen: Je kunt doorgaans je risicoprofiel kiezen. Een offensiever profiel biedt meer kans op groei, defensiever wat meer stabiliteit – jij stemt het af op je persoonlijke risicotolerantie. Sommige aanbieders (zoals BrightPensioen) beleggen duurzaam; je kunt dus ook kiezen voor beleggen op een manier die bij je past.
  • Lange horizon werkt in je voordeel: Beleggen rendeert het best over lange periodes dankzij rendement-op-rendement. Als je jong begint, kan je inleg door de jaren heen exponentieel groeien. Tijd is je vriend bij beleggen.

Pensioenbeleggen – Nadelen:

  • Beleggingsrisico: Het blijft het grootste nadeel: er zijn geen garanties. Je moet kunnen leven met onzekerheid en de mogelijkheid van tegenvallers​. Niet iedereen slaapt lekker bij het idee dat de beurs je pensioengeld laat schommelen.
  • Minder zekerheid over eindbedrag: Doordat de uitkomst variabel is, weet je niet precies hoeveel pensioen je uiteindelijk zult hebben. Je kunt een pensioenplanner gebruiken met conservatieve aannames, maar het blijft een prognose.
  • Kosten en complexiteit: Beleggen brengt vaak iets hogere kosten met zich mee (servicekosten, fondskosten). Ook vergt het begrip van wat beleggen inhoudt – al doen vermogensbeheerders het werk voor je, je moet wel basiskennis hebben om het vol te houden tijdens dips. In feite word je zelf pensioenfondsbeheerder over je inleg.
  • Geld vast: Net als bij pensioensparen zit je geld vast tot pensioenleeftijd (dit is dus geen uniek nadeel van beleggen, maar wel iets om te beseffen).

Pensioensparen – Voordelen:

  • Veiligheid en zekerheid: Het grootste pluspunt. Je inleg is niet blootgesteld aan de grillen van de beurs. Je krijgt een vast of variabel rendement in de vorm van rente, en je spaarsaldo kan niet verminderen door marktontwikkelingen. Daardoor weet je vrij zeker hoeveel je ongeveer zult hebben op einddatum (zeker met vaste deposito’s)​
  • Geen kennis van beleggen nodig: Iedereen kan een pensioenspaarrekening openen; je hoeft geen expert te zijn. Het product is overzichtelijk en begrijpelijk – eigenlijk een spaarrekening met een slot erop. Dat maakt het laagdrempelig.
  • Depositogarantie: Zoals genoemd, valt een pensioenspaarrekening bij een bank onder het depositogarantiestelsel tot €100.000​. Je loopt dus praktisch geen risico op verlies van je nominale inleg. Dat geeft gemoedsrust.
  • Ook fiscaal voordelig: Je krijgt hetzelfde belastingvoordeel als bij pensioenbeleggen (aftrek inleg, geen vermogensbelasting)​. Je levert dus niet in op dat vlak.
  • Geschikt bij korte horizon: Als je bijvoorbeeld binnen 5-10 jaar met pensioen gaat of al met pensioen bent en nog even wilt banksparen (reserveringsruimte), is pensioensparen ideaal. Je loopt dan geen risico op een tussentijdse beursdip vlak voor je pensioenuitkeringen starten​

Pensioensparen – Nadelen:

  • Lager (potentieel) rendement: In ruil voor zekerheid lever je in op opbrengst. De spaarrentes zijn historisch veel lager dan beursrendementen, zeker na aftrek van inflatie​.
  • In periodes van lage rente groeit je geld nauwelijks. Je moet dus méér inleggen om hetzelfde kapitaal op te bouwen als iemand die belegt (of genoegen nemen met een kleiner pensioenpotje).
  • Inflatierisico: Zoals besproken kan hoge inflatie de reële waarde van je spaargeld aantasten, vooral als de rente (net) lager is dan de inflatie. Je loop geen beleggingsrisico, maar wel het risico dat je koopkracht daalt.
  • Geen onverwachte meevallers: Waar een belegger misschien profiteert van een paar uitstekende beursjaren en een veel hoger saldo kan hebben dan gedacht, zal bij sparen zo’n meevaller niet voorkomen. Je rendement is min of meer begrensd door de rente-afspraken.
  • Geld vast: Ook hier geldt: je kunt niet zomaar bij je geld. Het is minder een nadeel van sparen op zich (het is nu eenmaal de fiscale voorwaarde), maar wel iets om te benoemen – het gebrek aan tussentijdse flexibiliteit heb je bij beide routes.

Conclusie en praktische tips

Wat te kiezen? Uiteindelijk hangt de keuze pensioenbeleggen vs pensioensparen af van jouw persoonlijke situatie, voorkeuren en financiële doelen. Ben je jong en heb je nog tientallen jaren tot pensioen, én vind je het niet erg om wat risico te lopen? Dan kan pensioenbeleggen interessant zijn vanwege het hogere verwachte rendement op de lange termijn. Heb je juist een korte horizon tot pensionering of slaap je beter bij zekerheid? Dan is pensioensparen waarschijnlijk geschikter, omdat je dan geen verrassingen zult meemaken en precies weet waar je aan toe bent. In de praktijk combineren veel mensen het beste van twee werelden: bijvoorbeeld voor de middellange termijn een deel beleggen en voor de zekerheid een deel vastzetten in pensioendeposito’s​. Zo spreid je risico en rendement. Onthoud: er is geen goed of fout – het gaat erom wat het beste aansluit bij jouw situatie.

Praktische tips om het maximale uit je pensioenopbouw te halen:

  • Benut je jaarruimte: Check ieder jaar hoeveel jaarruimte (of reserveringsruimte) je hebt – dit is het bedrag dat je fiscaal voordelig in een pensioenproduct mag storten. Dit kun je berekenen via de Belastingdienst of tools van banken. Benut die ruimte maximaal, want dat levert belastingteruggave op van 37% tot wel 49,5% van je inleg​.
  • Vergelijk rente en kosten per aanbieder: De verschillen tussen aanbieders kunnen groot zijn. Kijk rond bij banken (Knab, Rabobank, ABN, etc.) en gespecialiseerde spelers (Brand New Day, BrightPensioen, Centraal Beheer) voor zowel pensioensparen als -beleggen. Let op de geboden rente (bij sparen) én de kosten en beleggingsmogelijkheden (bij beleggen). Een klein verschil in kosten of rente kan over tientallen jaren behoorlijk schelen in eindbedrag. Gelukkig zijn veel van deze informatie openbaar: rentetabellen en gemiddelde rendementen vind je op hun websites​.
  • Bepaal je risicoprofiel en horizon: Stel jezelf eerlijk de vraag hoeveel risico je comfortabel vindt. Kun je een daling van 20% verdragen zonder in paniek te raken? Of liever niet? Stem je keuze daarop af. Jongeren kunnen doorgaans meer risico nemen (meer aandelen) omdat ze een lange horizon hebben om schommelingen uit te zitten. Naarmate je ouder wordt, kun je je profiel defensiever maken of (deels) overstappen op pensioensparen om je winst te verzilveren.
  • Start op tijd (liefst zo vroeg mogelijk): Tijd is een enorm belangrijke factor door het effect van rente-op-rente. Vroeg beginnen met een relatief klein bedrag kan op latere leeftijd meer opleveren dan laat beginnen met een groot bedrag. Bovendien kun je dan rustig een paar mindere beleggingsjaren doorstaan. Beginnen tijdens je studie of eerste baan (zelfs met €50 per maand) kan dus lonend zijn.
  • Houd een lange adem bij beleggen: Kies je voor pensioenbeleggen, neem dan een lange termijn perspectief. Kijk niet dagelijks naar je saldo, maar realiseer je dat ups en downs normaal zijn. Probeer periodiek in te leggen (spreiden in de tijd) om niet precies op een piek of dal al je geld te investeren. En wijk niet halsoverkop van je plan af als de beurs onrustig wordt. Pensioenbeleggen is “saai” bedoeld – laat het renderen op de automatische piloot en focus op de lange lijn.
  • Overweeg advies of hulpmiddelen: Twijfel je nog? Maak gebruik van online pensioenvergelijkers, blogs (zoals deze 😃) en berekentools. Veel aanbieders bieden gratis adviesgesprekken of webinars aan voor pensioenopbouw. Soms kan een onafhankelijk financieel adviseur je helpen de knoop door te hakken, zeker als je situatie complexer is.

Conclusie: Beide opties – pensioenbeleggen en pensioensparen – kunnen een uitstekende manier zijn om een appeltje voor de dorst te regelen voor je oude dag. De één is niet per se “beter” dan de ander; het gaat erom wat bij jou past. Met de informatie en tips in deze blog kun jij een weloverwogen keuze maken. Begin in ieder geval op tijd met je pensioenplanning, benut je fiscale voordeel en kies een aanpak waar jij je goed bij voelt.

In 30 min alles weten over pensioen?

Krijg een compleet beeld van het pensioenlandschap in Nederland.
Inclusief een overzicht van alle mogelijkheden en keuzes.

30 min.
Google Meet
Paul Spronk