Expertise
Investments

Eerder stoppen met werken: hoeveel uitgaven heb ik dan?

Tom Kerckhaert
March 25, 2025
7
 min

Eerder stoppen met werken: hoeveel uitgaven heb ik dan?

Denk jij eraan om eerder te stoppen met werken? Je bent niet de enige! Veel Nederlanders overwegen om vóór de officiële pensioenleeftijd met pensioen te gaan. Of je nu van plan bent om de wereld rond te reizen, als mantelzorger aan de slag te gaan, of simpelweg meer vrije tijd wilt, het is cruciaal om te weten hoe je financieel rond kunt komen. Bij Vive willen we je helpen om jouw financiële toekomst helder en zorgeloos te maken. Lees verder voor praktische tips en een overzicht van zaken waar je rekening mee moet houden als je eerder stopt met werken.

Je uitgaven in kaart brengen

Voordat je de sprong waagt, is het belangrijk om je huidige én toekomstige uitgaven goed te begrijpen. Begin met je huidige kostenplaatje en bedenk hoe dat eruitziet als je met vroegpensioen bent.

Vaste lasten: Dit zijn de terugkerende kosten die elke maand (of jaar) terugkomen, ongeacht of je werkt of niet. Maak een lijst van:

  • Woonlasten: Huur of hypotheek. Noteer het bedrag dat je maandelijks betaalt voor je woning. (Houd er rekening mee of je hypotheek tegen die tijd afgelost is of niet.)
  • Abonnementen: Denk aan telefoon, internet, TV, sportschool, streamingdiensten (Netflix, Spotify, etc.). Welke kosten heb je hier per maand aan?
  • Verzekeringen: Bijvoorbeeld je zorgverzekering, woonverzekering, autoverzekering – al die polissen bij elkaar opgeteld per maand.
  • Gas, water, licht: Je energierekeningen en waterrekening per maand.
  • Jaarlijkse kosten: Zoals gemeentelijke belastingen (ozb, afvalstoffenheffing) of bijvoorbeeld onderhoud van je woning (reserveringen hiervoor). Deel deze door 12 om een maandbedrag te krijgen.

Voorbeeld: Stel je betaalt €750 huur, €50 voor je telefoon, €100 aan verschillende verzekeringen en €200 aan gas/water/licht per maand. Dan zijn je vaste lasten nu ongeveer €1.100 per maand. Als je huis tegen je pensioen is afbetaald, zou die €750 vervallen – dan weet je dat je vaste lasten later lager kunnen zijn.

Privé-uitgaven: Dit zijn variabele kosten die je zelf in de hand hebt en die horen bij je levensstijl. Maak een overzicht van:

  • Boodschappen en dagelijkse uitgaven: Wat geef je gemiddeld per week/maand uit aan eten, drinken, huishoudelijke spullen?
  • Vervoer: Kosten voor auto (brandstof, onderhoud, wegenbelasting, APK) of OV-kosten, etc.
  • Ontspanning en hobby’s: Uit eten gaan, bioscoop, sportclubs, hobbymateriaal, cadeaus, enzovoort.
  • Kleding en persoonlijke verzorging: Gemiddelde uitgaven aan kleding, kapper, cosmetica.

Voorbeeld: Als je in de afgelopen drie maanden gemiddeld €200 per maand hebt uitgegeven aan uitjes, etentjes en shoppen, noteer dan €200 als maandelijkse privé-uitgaven voor vrije tijd. Vermenigvuldig zulke kosten niet automatisch door het aantal extra vrije dagen – je gaat echt niet elke dag lunchen buiten de deur – maar houd er rekening mee dat meer vrije tijd kán leiden tot iets hogere vrije-tijd-uitgaven.

Toekomstige kosten: Denk vooruit: welke extra kosten komen er bij als je eenmaal gestopt bent met werken? En welke vallen misschien weg?

  • Reiskosten: Plan je om veel te gaan reizen tijdens je pensioen? Reken uit wat dat ongeveer per jaar zou kosten en deel door 12 voor een maandindicatie.
  • Gezondheid: Naarmate je ouder wordt, kunnen zorgkosten toenemen. Misschien ga je vaker naar fysiotherapie (wordt niet altijd vergoed) of heb je hogere eigen bijdragen. Je zorgpremie kan ook stijgen met de leeftijd.
  • Kinderen of kleinkinderen: Misschien wil je (tegen die tijd) de studie van een kind of extraatjes voor kleinkinderen bekostigen.
  • Nieuwe hobby’s: Als je van plan bent een nieuwe (misschien dure) hobby op te pakken met je vrije tijd, breng die kosten in kaart. Bijvoorbeeld fotografie (camera, lenzen) of een oldtimer restaureren (materialen).

Voorbeeld: Je verwacht straks €300 per maand aan reiskosten te hebben omdat je eindelijk lange trips wilt maken. Voeg dit toe aan je berekening als extra post.

Door ál deze uitgaven op een rij te zetten, krijg je een helder beeld van je totale maandelijkse uitgaven tijdens je vroegpensioen. Dit is de basis om te bepalen welk inkomen je nodig hebt om rond te komen zonder te werken.

Wat zijn de financiële gevolgen van eerder stoppen met werken?

Eerder stoppen met werken heeft een paar directe financiële consequenties die je misschien niet meteen voelt, maar die wel effect hebben op de lange termijn:

  • Minder pensioenopbouw: Als je eerder stopt, stop je ook eerder met het opbouwen van pensioen via je werkgever. Je pensioenpot moet over meer jaren worden uitgesmeerd. Concreet betekent dit dat de maandelijkse pensioenuitkering die je uiteindelijk ontvangt, lager zal zijn dan wanneer je doorgewerkt had tot de pensioenleeftijd. Informeer bij je pensioenfonds wat het verschil zou zijn tussen doorwerken tot 67 of stoppen op, zeg, 63. Vaak kunnen ze dat berekenen.
    Voorbeeld: Je zou bij doorwerken tot pensioen een pensioen van €2.000 per maand krijgen. Stop je drie jaar eerder, dan kan dit bijvoorbeeld €1.500 per maand worden, omdat de pot minder gevuld is en over extra jaren verdeeld moet worden.
  • Volledig belastingtarief tot AOW-leeftijd: Zolang je nog geen AOW ontvangt, betaal je over je pensioeninkomen het reguliere (hogere) inkomstenbelastingtarief dat voor werkenden geldt, omdat je nog niet in aanmerking komt voor de AOW-korting op de belasting. Pas als je de AOW-leeftijd bereikt, krijg je een lagere inkomstenbelasting op je pensioen.
    Voorbeeld: Stel het belastingtarief op je pensioeninkomen is 37% voordat je AOW krijgt. Ontvang je €2.000 bruto pensioen per maand, dan hou je ~€1.260 netto over. Zodra je de AOW-leeftijd bereikt, zakt je tarief (bijv. naar ~19%), dan zou je van die €2.000 bruto misschien ~€1.460 netto overhouden. Het verschil in die eerste jaren moet je dus zelf opvangen.
  • Minder hypotheekrenteaftrek (mogelijk): Als je stopt met werken, daalt je inkomen. Dat kan betekenen dat je in een lagere belastingschijf valt, waardoor de waarde van je hypotheekrenteaftrek minder wordt. Ook kan het zijn dat als je inkomen laag genoeg wordt, je die aftrek niet ten volle kunt benutten. Bovendien: als je pensioeninkomen lager is, betaal je mogelijk minder belasting, en hypotheekrenteaftrek krijg je alleen terug over betaalde belasting.
    Voorbeeld: Tijdens je werkzame leven betaalde je genoeg belasting om alle hypotheekrenteaftrek te krijgen (zeg €200 per maand terug). In vroegpensioen daalt je inkomen en betaal je nauwelijks belasting; je hypotheekrenteaftrekvergoeding zakt misschien naar €50 per maand. Dat betekent effectief €150 minder cashflow per maand.

Waarop kun je nu én straks besparen?

Een goede voorbereiding op eerder stoppen is niet alleen weten wat je uitgeeft, maar ook kritisch kijken waar je op kunt besparen – nu al, én straks als je gestopt bent. Hier zijn enkele bespaartips:

  • Abonnementen checken: Betaal je voor dingen die je nauwelijks gebruikt? Dit is hét moment om die uitgaven eens door te lichten.
    Voorbeeld: Heb je drie streamingdiensten maar kijk je eigenlijk bijna alleen Netflix? Overweeg de andere op te zeggen. Scheelt zo €10-€20 per maand per dienst. Alle kleine beetjes helpen en tikken aan over jaren.
  • Duurzaam wonen: Investeringen nu kunnen later schelen in maandlasten. Als je nu nog een paar jaar werkt, kun je dat inkomen gebruiken om je huis energiezuiniger te maken, zodat je straks minder kwijt bent.
    Voorbeeld: Isoleer je woning, neem eventueel zonnepanelen, vervang oude apparaten door energiezuinige. Zo gaan je gas/elektra lasten omlaag. Zet bovendien nu vast bewust de verwarming een graadje lager en bespaar direct.
  • Budgetteren: Oefen nu vast met leven van het budget dat je straks denkt te hebben. Stel jezelf een weekbudget voor variabele uitgaven en probeer je daaraan te houden. Zo merk je waar de pijnpunten zitten en kun je bijsturen.
    Voorbeeld: Je besluit dat je, als je straks gestopt bent, €100 per week wilt uitgeven aan boodschappen en kleine uitjes. Probeer nu al eens een paar maanden met €100 per week rond te komen. Lukt dat? Zo nee, waar geef je meer uit en kun je daar straks in knippen?
  • Grote aankopen plannen: Denk vooruit aan grotere uitgaven die er aankomen. Misschien heb je over 5 jaar een andere auto nodig, of wil je een grote reis maken. Als je dat nú al weet, kun je daar gericht voor sparen of nu kopen.
    Voorbeeld: Je auto is 12 jaar oud en je verwacht hem over een paar jaar te moeten vervangen. Misschien is het handig dat nu nog doen terwijl je inkomen hebt, zodat je straks niet een forse uitgave uit je pensioenpot hoeft te doen.

Met welke extra kosten moet je rekening houden?

Naast je normale uitgaven zijn er extra kosten of investeringen waar je aan moet denken bij het plannen van een vroegpensioen:

  • Eigen pensioenopbouw aanvullen: Als je eerder stopt met werken en je pensioenopbouw daardoor stopzet, kan het slim zijn om zelf extra te sparen of beleggen voor je pensioen. Dit is eigenlijk geen “uitgave”, maar wel een bedrag dat je nu opzij moet zetten voor later.
    Voorbeeld: Je besluit elke maand €200 extra in een pensioenbeleggingsrekening te storten vanaf je 50e tot je 63e. Dit bedrag mis je nu als uitgave, maar zorgt ervoor dat je vanaf je pensioenleeftijd jaarlijks bijvoorbeeld €2.000 extra kunt opnemen, zodat je vroege stop de latere uitkering minder schaadt.
  • Vakantiegeld reserveren: Als je eenmaal gepensioneerd bent, krijg je (afhankelijk van je pensioenfonds) misschien nog jaarlijks vakantiegeld, maar als een deel van je inkomen uit eigen vermogen komt, moet je zelf voor je vakantiebudget zorgen.
    Voorbeeld: Je wilt graag jaarlijks €2.400 voor vakanties blijven uitgeven. Dat betekent dat je eigenlijk elke maand €200 apart moet zetten (of in je begroting moet hebben) om die reizen te blijven maken, ook zonder werkgerelateerd vakantiegeld.
  • Ziektekosten en zorg: Zoals genoemd, naarmate je ouder wordt kunnen je ziektekosten stijgen. Denk aan hogere premies (een aanvullende verzekering die je neemt omdat je ouder wordt), of dingen die niet vergoed worden (bril, gehoorapparaat, tandartskosten).
    Voorbeeld: Reken erop dat je tegen die tijd bijvoorbeeld €50 extra per maand kwijt zou kunnen zijn aan gezondheidskosten (gemiddeld). Misschien minder als je heel gezond bent, misschien meer als je medicijnen of hulp nodig hebt.
  • Prijsstijgingen (inflatie): Vergeet niet dat €1.000 nu niet hetzelfde koopt als €1.000 over 10 of 20 jaar. Plan een soort inflatie-buffer in je budget.
    Voorbeeld: Stel je maandelijkse uitgaven nu (in huidige prijzen) komen uit op €1.500. Als je nog 10 jaar hebt tot je met vroegpensioen wilt, en de inflatie is gemiddeld 2% per jaar, dan heb je over 10 jaar ongeveer €1.828 per maand nodig voor diezelfde levensstijl. Plan dus niet krap met huidige prijzen, maar verhoog elk jaar je doelbedrag een beetje.

Door deze extra posten mee te nemen, voorkom je dat je dingen over het hoofd ziet die later voor financiële tegenvallers zorgen. Beter teveel gepland dan te weinig.

Eerder stoppen met werken kan een geweldige stap zijn naar meer vrijheid en een prettiger leven – mits je het goed voorbereidt. Zorgvuldige financiële planning is essentieel: breng je uitgaven in kaart, kijk waar je nu al kunt besparen of bijsturen, en bouw buffers op voor onvoorziene kosten. Bij Vive helpen we je graag om jouw financiële toekomst veilig te stellen, zodat je met een gerust hart kunt genieten van je welverdiende vrije tijd.

In 30 min alles weten over pensioen?

Krijg een compleet beeld van het pensioenlandschap in Nederland.
Inclusief een overzicht van alle mogelijkheden en keuzes.

30 min.
Google Meet
Paul Spronk